Informasie oor die woord zenit (Nederlands → Esperanto: zenito)

Sinoniem: hoogtepunt

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈzenɪt/
Afbrekingze·nit
Geslagmanlik

Voorbeelde van gebruik

In het zenit glansden enkele citroengele vederwolkjes.
De hitte werd een kwelling toen de zon langzaam maar zeker naar het zenit klom.
Tijdens winteravonden staat hij niet ver van het zenit.
De zon was in het zenit gekomen.

Vertalinge

DuitsZenit; Scheitelpunkt
Engelszenith
Esperantozenito
Katalaanszenit
Portugeeszénite
SaterfriesZenit
Spaanscénit
Sweedszenit