Informasie oor die woord sluier (Nederlands → Esperanto: vualo)

Sinonieme: voile, wade

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈslœʏ̯jər/
Afbrekingslui·er

Voorbeelde van gebruik

Het verre zuiden ging nog schuil achter de sluier van het mysterie.
Isaac zette dadelijk het nog onaangeroerde glas wijn neer, zei tegen zijn dochter dat zij zich met haar sluier moest bedekken en liet de onbekende binnenbrengen.

Vertalinge

DuitsSchleier
Engelsveil
Esperantovualo
Faroëesslør
Fransvoile
Katalaansvel
Latyncalautica
Papiamentswal
Portugeesmanto; véu
SaterfriesSloier; Slüür
Spaansvelo
Sweedsdok
Tsjeggiesrouška; závoj