Informasie oor die woord tocht (Nederlands → Esperanto: veturo)

Sinonieme: rit, rijtoer

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/tɔxt/
Afbrekingtocht
Geslagmanlik
Meervoudtochten

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
tochtjetochtjes

Voorbeelde van gebruik

Wat een verrukkelijke tocht was dat geweest.

Vertalinge

Deensrejse; tur
DuitsFahrt
Esperantoveturo
Fransmarche; promenade en voiture
Portugeesviagem
Spaanstrayecto