Informasie oor die woord wang (Nederlands → Esperanto: vango)

Sinonieme: kaak, koon

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ʋɑŋ/
Afbrekingwang
Meervoudwangen

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
wangetjewangetjes

Voorbeelde van gebruik

Plotseling deed Splijtsteen een stap naar voren en kuste haar snel op de wang.

Vertalinge

Albaniesfaqe
Deenskind
DuitsBacke; Wange
Engelscheek
Engels (Ou Engels)wange
Esperantovango
Faroëesvangi
Finsposki
Fransjoue
Frieswang
Hongaarsorca
Italiaansguancia
Jiddishבאַק
Katalaansgalta
Noorskinn
Papiamentsbanda di kara
Portugeesbochecha; face
Russiesщека
SaterfriesSoke
Skotschowk
Skots-Gaeliesgruaidh
Spaansmejilla
Sweedskind
Thaiแก้ม
Tsjeggieslíc; tvář