Informasie oor die woord schuw (Nederlands → Esperanto: timema)

Sinonieme: bang, benepen, beschroomd, schroomvallig, vreesachtig, timide, bangelijk

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/sxyu̯/
Afbrekingschuw

Voorbeelde van gebruik

Sommige bleven schuw en het kostte hem bijna een half uur voor hij een dozijn handelbare dieren bij elkaar had.
De afgelopen dagen liep de weinig schuwe wolf door bewoonde gebieden, zoals een woonwijk in Hoogezand.

Vertalinge

Deensbange; sky
Duitsbange; zaghaft
Engelstimid; shy
Esperantotimema; timida
Franspeureux; timide
Italiaansangoscioso; pauroso
Maleistakut
Nederduitsbang; bange
Noorssjenert
Papiamentsmiedoso
Portugeesmedonho; tímido; timorato
Saterfriesbong; miedsoam
Spaansencogido; tímido