Informasie oor die woord bang (Nederlands → Esperanto: timema)

Sinonieme: benepen, beschroomd, schroomvallig, schuw, vreesachtig, timide, bangelijk

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/bɑŋ/
Afbrekingbang

Trappe van vergelyking

Stellende trapbang
Vergrotende trapbanger
Oortreffende trapbangst

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefbangbanger(het) bangst, (het) bangste
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudbangebangerebangste
Onsydige enkelvoudbangbangerbangst
Meervoudbangebangerebangste
Bepaaldbangebangerebangste
Partitiefbangsbangers 

Vertalinge

Deensbange; sky
Duitsbange; zaghaft
Engelsafraid; timid; anxious; timorous
Esperantotimema; timida
Franspeureux; timide
Italiaansangoscioso; pauroso
Maleistakut
Nederduitsbang; bange
Noorssjenert
Papiamentsmiedoso
Portugeesmedonho; tímido; timorato
Saterfriesbong; miedsoam
Spaansencogido; tímido