Informasie oor die woord dubbeltje (Nederlands → Esperanto: dekonguldeno)

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈdɵbəlcə/
Afbrekingdub·bel·tje
Geslagonsydig
Meervouddubbeltjes

Voorbeelde van gebruik

Hij had geen dubbeltje en nu heeft Bertus er een aan hem gegeven.

Vertalinge

Esperantodekonguldeno
Friesdûbeltsje
Papiamentsdepchi