Informasie oor die woord poef (Nederlands → Esperanto: pufo)

Sinoniem: pof

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/puf/
Afbrekingpoef
Geslagmanlik
Meervoudpoefs

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
poefjepoefjes

Voorbeelde van gebruik

Zijn vrouw schoof een poef bij en kwam bij hem zitten.
Met een pruilmondje liet ze zich weer op de poef neer, pakte een minuscuul zakdoekje uit een van de zakken van haar peignoir en wreef in haar ogen.
Hij haastte zich om enkele kaarsen te ontsteken en zette zich daarna huiverend op een poef naast zijn gast.

Vertalinge

DuitsBausch; Puff
Engelspuff; pad; wad
Esperantopufo
Portugeesfofo
SaterfriesPuf