Informasie oor die woord post (Nederlands → Esperanto: poŝto)

Sinoniem: posterijen

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/pɔst/
Afbrekingpost
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik

Voorbeelde van gebruik

Ik wil geen details aan de post toevertrouwen maar alleen zeggen dat ik dagelijks in levensgevaar verkeer, omdat ik in het bezit ben van een geheim.
Zij heeft via de post contact met Browning, maar zijn brieven worden bezorgd bij een oude dame in het dorp, die vroeger kindermeisje is geweest in het landhuis.

Vertalinge

Deenspost; postvæsen
DuitsPost
Engelsmail; post
Esperantopoŝto
Faroëespostur
Finsposti
Franscourrier; poste
Friespost
Hongaarsposta
Italiaansposta
Katalaanscorreu; posta
Noorspost
Papiamentspòst
Poolspoczta
Portugeescorreio
Roemeenspoștă
SaterfriesPost
Spaanscorreo
Sweedspost
Thaiไปรษณีย์
Tsjeggiespošta