Informasie oor die woord portier (Nederlands → Esperanto: pordisto)

Sinoniem: conciërge

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/pɔrˈtiːr/
Afbrekingpor·tier
Geslagmanlik
Meervoudportiers

Voorbeelde van gebruik

De portier schrok op en legde zijn krant neer.
Beneden in de hal riep de portier een taxi voor hem.
Een portier naderde en zei iets tegen de croupier.
Juist op dat ogenblik stond Halloran met zijn rug naar hem toe, omdat hij iets over Bonds bagage tegen de portier zei.

Vertalinge

Deensportier
DuitsHausmeister; Portier; Türsteher
Engelsporter; door‐keeper; hall‐porter; doorman
Esperantopordisto
Hongaarsajtónálló
Latynianitor
Noorsportier
Portugeesporteiro
SaterfriesHuusmäster; Portier
Spaansconserje; portero
Sweedsdörvakt; dörvaktare; portvakt; portvaktare; vaktmästare
Tsjeggiesvrátný
Walliesporthor; drysor