Informasie oor die woord tutoyeren (Nederlands → Esperanto: cidiri)

Sinoniem: jij en jou zeggen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/tytʋaˈjeːrə(n)/
Afbrekingtu·toy·e·ren

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) tutoyeer(ik) tutoyeerde
(jij) tutoyeert(jij) tutoyeerde
(hij) tutoyeert(hij) tutoyeerde
(wij) tutoyeren(wij) tutoyeerden
(jullie) tutoyeren(jullie) tutoyeerden
(gij) tutoyeert(gij) tutoyeerdet
(zij) tutoyeren(zij) tutoyeerden
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) tutoyere(dat ik) tutoyeerde
(dat jij) tutoyere(dat jij) tutoyeerde
(dat hij) tutoyere(dat hij) tutoyeerde
(dat wij) tutoyeren(dat wij) tutoyeerden
(dat jullie) tutoyeren(dat jullie) tutoyeerden
(dat gij) tutoyeret(dat gij) tutoyeerdet
(dat zij) tutoyeren(dat zij) tutoyeerden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
tutoyeertutoyeert
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
tutoyerend, tutoyerende(hebben) getutoyeerd

Vertalinge

Duitsduzen
Engelsthee and thou
Esperantocidiri; cii
Franstutoyer
Friesdookje
Italiaansdar del tu a; dare del tu a
Russiesбыть с на ты
Spaanstutear