Informasie oor die woord godvrezend (Nederlands → Esperanto: pia)

Sinonieme: devoot, godsdienstig, vroom, godvruchtig

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/ɣɔtˈfrezənt/
Afbrekinggod·vrez·end

Trappe van vergelyking

Stellende trapgodvrezend
Vergrotende trapgodvrezender
Oortreffende trapgodvrezendst

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefgodvrezendgodvrezender(het) godvrezendst, (het) godvrezendste
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudgodvrezendegodvrezenderegodvrezendste
Onsydige enkelvoudgodvrezendgodvrezendergodvrezendst
Meervoudgodvrezendegodvrezenderegodvrezendste
Bepaaldgodvrezendegodvrezenderegodvrezendste
Partitiefgodvrezendsgodvrezenders 

Voorbeelde van gebruik

De arme jongen was zeer eenvoudig en godvrezend.
„Geestelijke of leek,” zei Ulrica, „je bent de eerste godvrezende man die ik sedert twintig jaar ontmoet heb.”

Vertalinge

Duitsfromm; gottesfürchtig
Engelspious; god‐fearing
Engels (Ou Engels)æfæst
Esperantopia
Faroëesgudsóttandi
Finshurskas
Franspieux
Friesfrom
Grieksευσεβής; θρήσκος
Italiaanspio
Katalaanspiadós; pietós
Latyncastus; pius; sanctimonialis; sanctus
Papiamentsdeboto; religioso
Portugeespiedoso; pio; religioso
Russiesблагочестивый; богобоязненный
Saterfriesfrom
Spaansdevoto; piadoso; pío
Srananfromu; fron; santa; santafasi
Sweedsgudlig
Tagalogbanál