Informasie oor die woord inhouden (Nederlands → Esperanto: reteni)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈinɦʌʊ̯də(n)/
Afbrekingin·hou·den

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(hij) houdt in(hij) hield in
(zij) houden in(zij) hielden in
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat hij) inhoude(dat hij) inhielde
(dat zij) inhouden(dat zij) inhielden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
hou in, houd inhoudt in
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
inhoudend, inhoudende(hebben) ingehouden

Voorbeelde van gebruik

Naast hem hield de koopman zijn adem in.
Wij hielden onze paarden in.
Fafhrd verstijfde en hield zijn adem in.
Nu was het mijn beurt om mijn adem in te houden.

Vertalinge

Afrikaansophou
Esperantoreteni