Informasie oor die woord maken (Nederlands → Esperanto: fari)

Sinonieme: plegen, uitvoeren, doen, bedrijven, begaan, uitrichten, verrichten, uithalen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈmakə(n)/
Afbrekingma·ken

Voorbeelde van gebruik

Ten eerste moeten wij een keus maken.
Adam Reith, je hebt een ernstige fout gemaakt.

Vertalinge

Afrikaansdoen; begaan; maak; uitvoer; pleeg; verrig
Duitsmachen; tun; ausführen
Engelsdo; make
Esperantofari
Fransfaire
Friesmeitsje; dwaan
Jamaikaanse Patoisdu; mek
Nederduitsdoon; maken; uutvoren
Noorsgjøre
Papiamentshasi
Skotsdae