Informatie over het woord surbordiĝi

Woordsoortwerkwoord
Afbrekingsur·bord·iĝ·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdsurbordiĝas
Verleden tijdsurbordiĝis
Toekomende tijdsurbordiĝos
 
Voorwaardelijke wijs
surbordiĝus
 
Gebiedende wijs
surbordiĝu

Actieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdsurbordiĝanta
Verleden tijdsurbordiĝinta
Toekomende tijdsurbordiĝonta

Vertalingen

Afrikaansaan wal gaan; aandryf; aandrywe; aanspoel
Duitsseinen Fuß ans Ufer setzen; ans Ufer klettern; das Festland betreten; an Land gehen
Engelsbe washed ashore; wash ashore; disembark; wash up
Nederduitsandryven
Nederlandsaandrijven; aanspoelen; aan wal gaan
Spaansser arrojado a la playa