Informatie over het woord signi

Woordsoortwerkwoord
Afbrekingsign·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdsignas
Verleden tijdsignis
Toekomende tijdsignos
 
Voorwaardelijke wijs
signus

 Deelwoorden
 Actieve deelwoordenPassieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdsignantasignata
Verleden tijdsignintasignita
Toekomende tijdsignontasignota

Vertalingen

Afrikaansaandui; aangee
Duitsandeuten; markieren; zeichnen; anzeichnen; kennzeichnen
Engelsdenote; mark; motion
Fransdésigner; marquer
Nederlandsaanduiden; aangeven; een teken geven; merken; kenmerken
Roemeensindica; semnala
Saterfriesantjuude; markierje; teekenje; anteekenje; känteekenje; liekteekenje
Spaanshacer un signo; indicar; marcar
Tsjechischoznačit; poznamenat
Westerlauwers Friesoantsjutte; merke