Informatie over het woord agresi

Woordsoortwerkwoord
Afbrekinga·gres·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdagresas
Verleden tijdagresis
Toekomende tijdagresos
 
Voorwaardelijke wijs
agresus
 
Gebiedende wijs
agresu

 Deelwoorden
 Actieve deelwoordenPassieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdagresantaagresata
Verleden tijdagresintaagresita
Toekomende tijdagresontaagresota

Vertalingen

Afrikaansaanrand; aanval
Catalaansagredir
Duitsangreifen; überfallen; herfallen über
Engelscommit aggression; attack; aggress
Fransagresser; attaquer; commettre une agression; attaquer le premier
Nederlandsaanvallen; aanranden
Portugeesagredir
Spaansacometer; atacar
Westerlauwers Friesoanfalle