Informatie over het woord manĝo

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Afbrekingmanĝ·o

Verbuiging

Nominatiefmanĝo
Accusatiefmanĝon

Vertalingen

?
DuitsMahlzeit
Nederlandsmaaltijd; eten; vreten; maal
Westerlauwers Friesmiel