Informatie over het woord faint (Engels → Esperanto: sveni)

Synoniemen: swoon, disappear, go off, go off in a swoon, have a fainting‐fit

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/feɪ̯nt/
Afbrekingfaint
Shaw‐alfabet𐑓𐑱𐑯𐑑
Deseret‐alfabet𐑁𐐩𐑌𐐻

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) faint(I) fainted
(thou) faintest(thou) faintedst
(he) faints, fainteth(he) fainted
(we) faint(we) fainted
(you) faint(you) fainted
(they) faint(they) fainted
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) faint (I) fainted
(thou) faint(thou) fainted
(he) faint(he) fainted
(we) faint(we) fainted
(you) faint(you) fainted
(they) faint(they) fainted
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
faintingfainted

Vertalingen

Catalaansdesmaiar‐se
Duitsin Ohnmacht fallen; ohnmächtig werden
Esperantosveni
Faeröersfalla í óvit; svíma; dána
Finspyörtyä
Franss’évanouir
Italiaanssvenirsi
Nederlandsbezwijmen; in zwijm vallen; flauwvallen; in katzwijm vallen; van zijn stokje gaan
Papiamentsdesmañá
Portugeesdesfalecer; desmaiar; esvanecer
Saterfriesbeswieme; flau wäide
Spaansdesmayarse
Zweedssvimma