Informatie over het woord target (Engels → Esperanto: celi)

Synoniemen: aim, take aim at

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈtɑːɡɪt/
Afbrekingtar·get
Shaw‐alfabet𐑑𐑸𐑜𐑦𐑑
Deseret‐alfabet𐐻𐐪𐑉𐑀𐐮𐐻

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) target(I) targeted
(thou) targetest(thou) targetedst
(he) targets, targeteth(he) targeted
(we) target(we) targeted
(you) target(you) targeted
(they) target(they) targeted
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) target (I) targeted
(thou) target(thou) targeted
(he) target(he) targeted
(we) target(we) targeted
(you) target(you) targeted
(they) target(they) targeted
Gebiedende wijs
target
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
targetingtargeted

Voorbeelden van gebruik

Trump doubled down on his efforts Thursday, again indicating the administration could target the broadcast licences of those who don’t treat him fairly.
They say that they could be targeted by pro‐Ukrainian saboteurs.

Vertalingen

Afrikaansmik
Duitsins Visier nehmen
Esperantoceli
Nederlandsmikken
Papiamentsmek