Informatie over het woord snatch (Engels → Esperanto: ekkapti)

Synoniemen: clutch, grab, grasp, grip, seize, nab

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/snætʃ/
Afbrekingsnatch
Shaw‐alfabet𐑕𐑯𐑨𐑗
Deseret‐alfabet𐑅𐑌𐐰𐐽

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) snatch(I) snatched
(thou) snatches(thou) snatchedst
(he) snatches, snatcheth(he) snatched
(we) snatch(we) snatched
(you) snatch(you) snatched
(they) snatch(they) snatched
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) snatch (I) snatched
(thou) snatch(thou) snatched
(he) snatch(he) snatched
(we) snatch(we) snatched
(you) snatch(you) snatched
(they) snatch(they) snatched
Gebiedende wijs
snatch
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
snatchingsnatched

Voorbeelden van gebruik

Thom simply snatched the balls from the air and stopped talking.

Vertalingen

Afrikaansaangryp
Deensgribe
Duitsgreifen; angreifen; ergreifen; zugreifen; zupacken; auffangen
Engels (Oudengels)gripan
Esperantoekkapti
Franssaisir; agripper
Italiaansafferrare
Nederlandsgrijpen; aangrijpen
Papiamentskohe; koi
Saterfriesgriepe; oungriepe; pakje
Spaansagarrar; apoderarse de; asir; coger
Sranangrabu
Tsjechischuchopit; chytit
Westerlauwers Friesbeetkrije; beetpakke; gripe