Informatie over het woord guess (Engels → Esperanto: supozi)

Synoniemen: presume, suppose, surmise, assume, deem, think, take it

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ɡɛs/
Afbrekingguess
Shaw‐alfabet𐑜𐑧𐑕
Deseret‐alfabet𐑀𐐯𐑅

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) guess(I) guessed
(thou) guessest(thou) guessedst
(he) guesses, guesseth(he) guessed
(we) guess(we) guessed
(you) guess(you) guessed
(they) guess(they) guessed
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) guess (I) guessed
(thou) guess(thou) guessed
(he) guess(he) guessed
(we) guess(we) guessed
(you) guess(you) guessed
(they) guess(they) guessed
Gebiedende wijs
guess
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
guessingguessed

Voorbeelden van gebruik

I guess it wasn’t there when we lived in Swaziland.

Vertalingen

Afrikaansaanneem
Catalaanssuposar
Deensantage; tro
Duitsvermuten; schätzen
Esperantosupozi
Faeröershalda
Finsolettaa
Franssupposer
IJslandshalda
Italiaanssupporre
Latijnputare
Nederduitsmeynen
Nederlandsvermoeden
Papiamentsideá
Poolsprzypuszczać
Portugeesadmitir; conjeturar; crer; fazer de conta; pensar; supor
Saterfriesfermoudje; ounnieme; foaruutsätte; gisje
Spaanssuponer
Tsjechischdomnívat se; předpokládat
Turkssanmak
Westerlauwers Friesergje; fermoedzje
Zweedsanta