Informatie over het woord Arbeit (Duits → Esperanto: laboro)

Uitspraak/ˈarbaɪ̯t/
AfbrekingAr·beit
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtvrouwelijk

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefArbeitArbeiten
GenitiefArbeitArbeiten
DatiefArbeitArbeiten
AccusatiefArbeitArbeiten

Vertalingen

Afrikaanswerk
Esperantolaboro
Franstravail
Jiddischאַרבעט
Nederduitsarbeid
Nederlandsarbeid; werk
Papiamentstrabou
Welsgwaith