Informatie over het woord Dekan (Duits → Esperanto: dekano)

Uitspraak/deˈkaːn/
AfbrekingDe·kan
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefDekanDekane
GenitiefDekansDekane
DatiefDekanDekanen
AccusatiefDekanDekane

Vertalingen

Esperantodekano
Fransdoyen