Informatie over het woord verlassen (Duits → Esperanto: foriri de)

Uitspraak/fɛrˈlasən/
Afbrekingver·las·sen
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) verlasse(ich) verließ
(du) verläßt(du) verließest, verließt
(er) verläßt(er) verließ
(wir) verlassen(wir) verließen
(ihr) verlassen(ihr) verließt
(sie) verlassen(sie) verließen
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) verlasse(ich) verließe
(du) verlassest(du) verließest
(er) verlasse(er) verließe
(wir) verlassen(wir) verließen
(ihr) verlasset(ihr) verließet
(sie) verlassen(sie) verließen
Gebiedende wijs
(du) verlaß
(ihr) verlassen
verlassen Sie
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
verlassend(haben) verlassen

Voorbeelden van gebruik

Verlaßt diesen Ort!
Während Lavrovs Rede verließ Polens Außenminister den Saal.

Vertalingen

Afrikaansverlaat
Engelsleave
Esperantoforiri de
Fransquitter
Nederlandsverlaten