Informatie over het woord beobachten (Duits → Esperanto: observi)

Synoniemen: beaufsichtigen, betrachten, verfolgen, halten, zusehen

Uitspraak/bəˈʔoːbaxtən/
Afbrekingbe·obach·ten
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) beobachte(ich) beobachtete
(du) beobachtest(du) beobachtetest
(er) beobachtet(er) beobachtete
(wir) beobachten(wir) beobachteten
(ihr) beobachten(ihr) beobachtetet
(sie) beobachten(sie) beobachteten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) beobachte(ich) beobachtete
(du) beobachtest(du) beobachtetest
(er) beobachte(er) beobachtete
(wir) beobachten(wir) beobachteten
(ihr) beobachtet(ihr) beobachtetet
(sie) beobachten(sie) beobachteten
Gebiedende wijs
(du) beobachte
(ihr) beobachten
beobachten Sie
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
beobachtend(haben) beobachtetet

Voorbeelden van gebruik

Ich beobachtete ihn, während er trank, und wartete.
Er beobachtet die Ereignisse von außen.

Vertalingen

Afrikaanswaarneem
Catalaansobservar; vigilar
Engelsobserve; watch
Esperantoobservi
Fransobserver
Italiaansosservare
Nederlandsgadeslaan; observeren; toekijken; toezien; waarnemen; in acht nemen; houden
Papiamentsopservá
Portugeesobservar
Roemeensobserva; urmări
Saterfriesbeapsichtigje; inspizierje; musterje; beoboachtje; betrachtje; ferfoulgje; ju Apsicht hääbe
Spaanscumplir; observar
Westerlauwers Friesobservearje; hâlde
Zweedsobservera