Informasie oor die woord einsetzen (Duits → Esperanto: uzi)

Sinonieme: anwenden, benutzen, brauchen, gebrauchen, verwenden, verwerten, sich bedienen

Uitspraak/ˈʔaɪ̯nzɛtsən/
Afbrekingein·set·zen
Woordsoortwerkwoord

Voorbeelde van gebruik

Insgesamt wurden bei dem Polizeieinsatz fast 1000 Beamte eingesetzt.

Vertalinge

Afrikaansgebruik; gebruik maak van; aanwend
Deensbenytte; bruge; tilbringe
Engelsemploy; use
Esperantouzi; fari uzon de
Faroëesnýta
Finskäyttää
Fransappliquer; employer; se servir de; user de
Friesbrûke; gebrûk meitsje fan
Hongaarshasznál
Italiaansimpiegare; usare
Katalaansemprar; gastar per l’us; usar; utilitzar
Latynuti
Maleisgunakan; menggunakan
Nederduitsgebruken; bruken; gebrüken; gebrüük maken van
Nederlandsaanwenden; benutten; gebruiken; gebruik maken van; zich bedienen van; inzetten
Noorsbruke
Papiamentsusa; uza
Poolsużywać
Portugeesdespender; empregar; servir‐se de; usar
Roemeensfolosi
Russiesвладеть
Saterfriesanweende; benutsje; bruuke; ferweende
Skotsuise
Spaansemplear; hacer uso de; usar
Sweedsanvända; begagna; bruka
Thaiใช้
Turkskullanmak
Yslandsbrúka; nota