Informasie oor die woord ablenken (Duits → Esperanto: distri)

Sinonieme: zerstreuen, unterhalten

Uitspraak/ˈaplɛŋkən/
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ich) ablenke (ich) ablenkte
(du) ablenkst (du) ablenktest
(er) ablenkt (er) ablenkte
(wir) ablenken (wir) ablenkten
(ihr) ablenkt (ihr) ablenktet
(sie) ablenken (sie) ablenkten
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ich) ablenke (ich) ablenkte
(du) ablenkest (du) ablenktest
(er) ablenke (er) ablenkte
(wir) ablenken (wir) ablenkten
(ihr) ablenket (ihr) ablenktet
(sie) ablenken (sie) ablenkten
Gebiedende wys
(du) lenke ab
(ihr) ablenkt
ablenken Sie
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
ablenkend(haben) abgelenkt

Vertalinge

Engelsdistract; divert
Esperantodistri; malenuigi
Finshäiritä
Fransdistraire
Katalaansdistreure
Nederlandsafleiden; verstrooien
Portugeesdesviar a atenção; distrair; divertir; entreter
Saterfriesamüsierje; unnerhoolde; ferstraie; uutsäidje
Spaansdistraer
Tsjeggiesrozptýlit