Informo pri la vorto gebruik (afrikanso → esperanto: uzi)

Sinonimoj: gebruik maak van, aanwend

Vortspecoverbo
Prononco/χəˈbrœɪ̯k/
Dividoge·bruik

Konjugacio

PrezencoPreterito
gebruik-
Prezenca participoPreterita participo
gebruikendegebruik

Uzekzemploj

Engels is nou ook as skryftaal gebruik en is in regeringsdokumente gebruik.
Benjamin Franklin (1706–1790) het hierdie twee tipes lading positief en negatief genoem en hierdie konvensie word tot vandag toe nog gebruik.

Tradukoj

anglaemploy; use
danabenytte; bruge; tilbringe
esperantouzi; fari uzon de
feroanýta
finnakäyttää
francaappliquer; employer; se servir de; user de
germanaanwenden; benutzen; brauchen; gebrauchen; verwenden; verwerten; sich bedienen; einsetzen
islandabrúka; nota
italaimpiegare; usare
katalunaemprar; gastar per l’us; usar; utilitzar
latinouti
malajagunakan; menggunakan
nederlandaaanwenden; benutten; gebruiken; gebruik maken van; zich bedienen van; inzetten
norvegabruke
okcidenta frizonabrûke; gebrûk meitsje fan
papiamentousa; uza
platgermanagebruken; bruken; gebrüken; gebrüük maken van
polaużywać
portugaladespender; empregar; servir‐se de; usar
rumanafolosi
rusaвладеть
saterlanda frizonaanweende; benutsje; bruuke; ferweende
skotauise
svedaanvända; begagna; bruka
tajaใช้
turkakullanmak
hispanaemplear; hacer uso de; usar
hungarahasznál