Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord aanrichten

Nederlands → Engels

NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
info aanrichten
werkwoord
(zorgen voor)
info arrange
werkwoord
;
info array
werkwoord
;
info fix up
werkwoord
info aranĝi
werkwoord
info aanrichten
werkwoord
(aandoen; berokkenen; flikken; teweegbrengen; veroorzaken; ten gevolge hebben; zorgen voor)
info cause
werkwoord
info kaŭzi
werkwoord
info richten
zelfstandig naamwoord
info conduct
zelfstandig naamwoord
;
info management
zelfstandig naamwoord
;
info steering
zelfstandig naamwoord
info direktado
zelfstandig naamwoord
info richten
werkwoord
(besturen; sturen)
info direct
werkwoord
;
info steer
werkwoord
;
info address
werkwoord
info direkti
werkwoord
NederlandsEngels
aanrichtenbring about; cause; commit; do; give; work
richtenaddress; aim; align; alignement; bend; bring to bear; channel; conform; direct; dress; level; orient; orientate; point; rivet; set; sight; steer; target; train; turn
Woordenlijst
<< >