Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord aangrenzend

Nederlands → Engels
Engels → Nederlands

NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
info aangrenzend
bijvoeglijk naamwoord
(aanliggend; naastgelegen)
info adjacent
bijvoeglijk naamwoord
;
info adjoining
bijvoeglijk naamwoord
;
info contiguous
bijvoeglijk naamwoord
;
info abutting
werkwoord
info apuda
bijvoeglijk naamwoord
info aangrenzend
bijvoeglijk naamwoord
(aanliggend)
info adjacent
bijvoeglijk naamwoord
;
info adjoining
bijvoeglijk naamwoord
;
info abutting
bijvoeglijk naamwoord
info limtuŝanta
bijvoeglijk naamwoord
info aangrenzend
bijvoeglijk naamwoord
(aanliggend; naburig; belendend)
info adjacent
bijvoeglijk naamwoord
;
info neighbouring
bijvoeglijk naamwoord
;
info abutting
bijvoeglijk naamwoord
info najbara
bijvoeglijk naamwoord
NederlandsEngels
aangrenzendabutting; adjacent; adjoining; conterminous; contiguous; neighbouring; next
Woordenlijst
<< >