Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord aanbrengen

Nederlands → Engels
Engels → Nederlands

NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
info aanbrengen
werkwoord
(aandragen; brengen)
info bring
werkwoord
info alporti
werkwoord
info aanbrengen
werkwoord
(aangeven)
info denounce
werkwoord
info denunci
werkwoord
info aanbrengen
werkwoord
(overbrengen)
info give an account
werkwoord
;
info report
werkwoord
info raporti
werkwoord
info aanbrengen
werkwoord
(aanwerven; werven)
info recruit
werkwoord
info varbi
werkwoord
info aanbrengen
werkwoord
(aanpassen)
info fit
werkwoord
info adapti
werkwoord
info aanbrengen
werkwoord
(aandoen; opbrengen; opzetten)
info apply
werkwoord
info surmeti
werkwoord
info aanbrenger
zelfstandig naamwoord
(aanklager; klikspaan; verklikker)
info informer
zelfstandig naamwoord
info denuncanto
zelfstandig naamwoord
info aanbrengpremie
zelfstandig naamwoord
info commission
zelfstandig naamwoord
;
info reward
zelfstandig naamwoord
info varbopremio
zelfstandig naamwoord
info brengen
werkwoord
info lead
werkwoord
info alkonduki
werkwoord
info brengen
werkwoord
(aanbrengen; aandragen; bezorgen)
info bring
werkwoord
;
info fetch
werkwoord
info alporti
werkwoord
info brengen
werkwoord
(geleiden; leiden; voeren)
info bring
werkwoord
;
info lead
werkwoord
info konduki
werkwoord
info brengen
werkwoord
(dragen; voeren)
info carry
werkwoord
info porti
werkwoord
info brengen
werkwoord
(doen; indienen; voorstellen; inbrengen)
info constitute
werkwoord
;
info depict
werkwoord
;
info introduce
werkwoord
;
info offer
werkwoord
;
info perform
werkwoord
;
info play
werkwoord
;
info present
werkwoord
;
info reenact
werkwoord
;
info render
werkwoord
;
info represent
werkwoord
;
info tender
werkwoord
info prezenti
werkwoord
NederlandsEngels
aanbrengenapply; bring; bring in; carry; delate; denounce; fit; fit on; fit up; fix; fix up; inform on; installation; introduce; let; make; place; put up; recruit; touch in; yield
aanbrengercommon informer; denouncer; denunciator; informant; informer; talebearer; telltale
aanbrengpremiecommission; reward
brengenbring; carry; convey; feature; fetch; land; lead; make; put; see; set; take; waft
gelukaanbrengendbringing luck; lucky
Woordenlijst
<< >