Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord aanblazen

Nederlands → Engels
Engels → Nederlands

NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
info aanblazen
werkwoord
info blow
onbekende woordsoort
;
info fan
werkwoord
info bloveksciti
werkwoord
info aanblazing
zelfstandig naamwoord
info blowing
zelfstandig naamwoord
info blovekscito
zelfstandig naamwoord
info aanblazing
zelfstandig naamwoord
info inspiration
zelfstandig naamwoord
info inspirado
zelfstandig naamwoord
info blazen
werkwoord
(
info waaien
werkwoord
;
info blazen op
werkwoord
)
info blow
werkwoord
info blovi
werkwoord
info blazen
zelfstandig naamwoord
(
info waaien
zelfstandig naamwoord
)
info blowing
zelfstandig naamwoord
info blovado
zelfstandig naamwoord
NederlandsEngels
aanblazenaspirate; blow; blow up; fan; fan the fire of; foment; rouse; stir up
aanblazingafflation; aspiration; blowing
aangeblazenaspirate; breathy
blazenblow; huff; play; puff; spit; toot
<< >