Engels–Nederlands woordenboek

Nederlandse vertaling van het Engelse woord accessory

Engels → Nederlands

EngelsNederlands (indirect vertaald)Esperanto
info accessory
bijvoeglijk naamwoord
(adjunct; ancillary; appurtenant; secondary; accessional)
info bijbehorend
bijvoeglijk naamwoord
;
info bijkomstig
bijvoeglijk naamwoord
info akcesora
onbekende woordsoort
info accessory
zelfstandig naamwoord
(adjunct; appurtenance; side‐issue)
info bijzaak
zelfstandig naamwoord
info akcesoraĵo
onbekende woordsoort
info accessory
bijvoeglijk naamwoord
info medeplichtig
bijvoeglijk naamwoord
;
info medeschuldig
bijvoeglijk naamwoord
info kunkulpa
onbekende woordsoort
info accessory
zelfstandig naamwoord
(abetter; accomplice; henchman)
info medeplichtige
zelfstandig naamwoord
info kunkulpulo
onbekende woordsoort
info accessory fruit
zelfstandig naamwoord
(pseudocarp)
info schijnvrucht
zelfstandig naamwoord
info falsa frukto
onbekende woordsoort
info accessories
zelfstandig naamwoord
info accessoires
zelfstandig naamwoord
;
info toebehoren
zelfstandig naamwoord
info akcesoraĵoj
onbekende woordsoort
info accessories
zelfstandig naamwoord
(properties)
info rekwisieten
zelfstandig naamwoord
info rekvizitoj
onbekende woordsoort
EngelsNederlands
accessorybetrokken; bij‐; bijbehorend; bijbetrokken; bijkomstig; bijzaak; hulpstuk; medeplichtig; medeplichtige; medeschuldig; onderdeel
accessory fruitschijnvrucht
accessory tobetrokken bij; bijbetrokken in; medeschuldig aan
accessoriesaccessoires; bijwerk; onderdelen; rekwisieten; toebehoren
Woordenlijst
<< >