Engels–Nederlands woordenboek

Nederlandse vertaling van het Engelse woord above‐board

Engels → Nederlands

EngelsNederlands (indirect vertaald)Esperanto
info above‐board
bijvoeglijk naamwoord
(blunt; explicite; frank; outright; overt; unconcealed)
info open
bijvoeglijk naamwoord
;
info rondborstig
bijvoeglijk naamwoord
info malkaŝa
bijvoeglijk naamwoord
info above‐board
bijvoeglijk naamwoord
(forthright; honest; honourable; upright)
info eerlijk
bijvoeglijk naamwoord
info honesta
bijvoeglijk naamwoord
info above‐board
bijvoeglijk naamwoord
(communicative; free; outspoken)
info rondborstig
bijvoeglijk naamwoord
info malkaŝema
bijvoeglijk naamwoord
info above
voorzetsel
info ten noorden van
voorzetsel
info norde de
voorzetsel
info above
bijvoeglijk naamwoord
(above‐mentioned)
info bovengenoemd
bijvoeglijk naamwoord
info supre nomita
onbekende woordsoort
info above
bijvoeglijk naamwoord
(above‐mentioned; aforementioned)
info bovengenoemd
bijvoeglijk naamwoord
;
info bovenvermeld
bijvoeglijk naamwoord
info supre menciita
onbekende woordsoort
info above
bijvoeglijk naamwoord
(above‐named)
info bovenstaand
bijvoeglijk naamwoord
info suprestaranta
bijvoeglijk naamwoord
info above
bijwoord
(aloft; up; uphill; upward; upwards)
info naar boven
bijwoord
;
info omhoog
bijwoord
;
info op
bijwoord
;
info opwaarts
bijwoord
info supren
bijwoord
info above
bijwoord
info hierboven
bijwoord
info ĉisupre
bijwoord
info above
bijwoord
(aloft; on top; overhead; up; at the top)
info boven
bijwoord
;
info daarboven
bijwoord
info supre
bijwoord
info above
voorzetsel
(beyond; over; up)
info boven
voorzetsel
;
info over
voorzetsel
info super
voorzetsel
above
(more than; over; north of)
boven; meer dan;
info over
voegwoord
pli ol
info above
voorzetsel
(ago; ahead of; before; in front of; to)
info geleden
voorzetsel
;
info her
voorzetsel
;
info voor
voorzetsel
info antaŭ
voorzetsel
info above
bijvoeglijk naamwoord
(super; surface; top; upper)
info boven‐
bijvoeglijk naamwoord
;
info bovenste
bijvoeglijk naamwoord
info supra
bijvoeglijk naamwoord
info board
zelfstandig naamwoord
(plank)
info bord
zelfstandig naamwoord
;
info plank
zelfstandig naamwoord
info tabulo
zelfstandig naamwoord
info board
zelfstandig naamwoord
(administration; executive)
info bestuur
zelfstandig naamwoord
info estraro
zelfstandig naamwoord
info board
werkwoord
(cling to; clutch; get caught on; grip)
info aanklampen
werkwoord
info alkroĉiĝi al
onbekende woordsoort
info board
werkwoord
(wainscot)
info beschieten
werkwoord
info lignogarni
werkwoord
info board
zelfstandig naamwoord
(directorate)
info directie
zelfstandig naamwoord
info direktoraro
zelfstandig naamwoord
info board
werkwoord
(tread; walk; walk upon)
info begaan
werkwoord
info suriri
werkwoord
info board
zelfstandig naamwoord
(directorate)
info directie
zelfstandig naamwoord
info direkcio
zelfstandig naamwoord
info board
zelfstandig naamwoord
(board table)
info bestuurstafel
zelfstandig naamwoord
info estrara tablo
onbekende woordsoort
info board
zelfstandig naamwoord
(administration; management)
info bestuur
zelfstandig naamwoord
;
info schap
zelfstandig naamwoord
info administrantaro
zelfstandig naamwoord
EngelsNederlands
above‐boardeerlijk; met open kaart; open; openhartig; recht door zee; rondborstig; ronduit
act above‐boardopen kaart spelen
aboveboven; boven ... uit; boven ... verheven; bovenbedoeld; bovengemeld; bovengenoemd; bovengenoemde; bovenstaand; bovenstaande; bovenvermeld; daarboven; hierboven; meer dan; over; ten noorden van
boardaan boord gaan; aan boord gaan van; aanklampen; beplanken; beschieten; bestuur; bestuurstafel; boord; bord; bordje; bordpapier; college; commissie; deel; departement; directie; dis; enteren; in de kost doen; in de kost hebben; in de kost nemen; in de kost zijn; instappen; karton; kost; kostgeld; met planken beschieten; ministerie; plank; raad; schap; stappen in; tafel
Woordenlijst
<< >