Engels–Nederlands woordenboek

Nederlandse vertaling van het Engelse woord able

Engels → Nederlands

EngelsNederlands (indirect vertaald)Esperanto
info able
bijvoeglijk naamwoord
(capable; competent)
info bekwaam
bijvoeglijk naamwoord
;
info capabel
bijvoeglijk naamwoord
;
info kundig
bijvoeglijk naamwoord
;
info knap
bijvoeglijk naamwoord
info kapabla
bijvoeglijk naamwoord
info able
bijvoeglijk naamwoord
(capable; competent; efficient; skilled)
info bevoegd
bijvoeglijk naamwoord
info kompetenta
bijvoeglijk naamwoord
info able
bijvoeglijk naamwoord
(accomplished; ace; adept; adroit; apt; capable; handy; proficient; skilful; skilled; smart; deft)
info bekwaam
bijvoeglijk naamwoord
;
info handig
bijvoeglijk naamwoord
info lerta
bijvoeglijk naamwoord
info able
bijvoeglijk naamwoord
(authorized; qualified)
info bevoegd
bijvoeglijk naamwoord
info kvalifikita
bijvoeglijk naamwoord
info be able
werkwoord
(be entitled to; have the right to)
info het recht hebben
werkwoord
;
info mogen
werkwoord
info rajti
werkwoord
info be able
werkwoord
info in staat zijn
werkwoord
;
info vermogen
werkwoord
info kapabli
werkwoord
info be able
werkwoord
(can; may; be able to)
info kunnen
werkwoord
info povi
werkwoord
info be able to
werkwoord
(be able; can; may)
info kunnen
werkwoord
info povi
werkwoord
info be able to
werkwoord
(know)
info kennen
werkwoord
;
info weten
werkwoord
info scii
werkwoord
info able‐bodied
bijvoeglijk naamwoord
info gezond van lijf en leden
bijvoeglijk naamwoord
info sankorpa
bijvoeglijk naamwoord
info able‐bodied
bijvoeglijk naamwoord
(burly; firm; resistant; robust; rugged; solid; strong; sturdy; tough; hefty)
info ferm
bijvoeglijk naamwoord
;
info fors
bijvoeglijk naamwoord
;
info hecht
bijvoeglijk naamwoord
;
info potig
bijvoeglijk naamwoord
;
info robuust
bijvoeglijk naamwoord
;
info sterk
bijvoeglijk naamwoord
;
info stevig
bijvoeglijk naamwoord
;
info stoer
bijvoeglijk naamwoord
;
info struis
bijvoeglijk naamwoord
info fortika
bijvoeglijk naamwoord
info ably
bijwoord
(capably)
info bekwaam
bijwoord
;
info knap
bijwoord
;
info kundig
bijwoord
info kapable
bijwoord
info ably
bijwoord
(capably; cleverly; skilfully)
info handig
bijwoord
info lerte
bijwoord
info enable
werkwoord
(actuate; control; implement; operate; work)
info bedienen
werkwoord
info funkciigi
werkwoord
info enable
werkwoord
(allow; let; permit; make possible)
info in staat stellen
werkwoord
;
info mogelijk maken
werkwoord
info ebligi
werkwoord
info unable
bijvoeglijk naamwoord
(inefficient; incompetent)
info onbekwaam
bijvoeglijk naamwoord
info nekapabla
bijvoeglijk naamwoord
EngelsNederlands
ablebekwaam; bevaren; bevoegd; capabel; geschikt; handig; knap; kundig
able ratingvolmatroos
able sailorbevaren matroos
be ablein staat zijn; kunnen; vermogen
be able toin staat zijn om; in staat zijn te; kunnen
not be able toniet bij machte zijn om te
able‐bodiedgezond van lichaam
ablybekwaam; handig; knap; kundig
disablebuiten gevecht stellen; diskwalificeren; invalide maken; onbevoegd verklaren; ongeschikt maken; onschadelijk maken; onttakelen; uitsluiten
enablein staat stellen; machtigen; mogelijk maken
unableniet in staat; onbekwaam; onmachtig; onvermogend
Woordenlijst
<< >