Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word waterleidingbuis

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
duct
(colbert; jasje; jack)
🔗 Allen waren door Elrond goed voorzien van warme dikke kleren en hun buizen en mantels waren met bont gevoerd.
(kanaal; loop; pijp); ;
tube
🔗 Wat ontstaat boven in de buis?
(wambuis)
jerkin
;
doublet
🔗 Trek uw buis uit.
(waterpijp)
🔗 In de stad Memphis in Tennessee braken door de kou zoveel waterleidingen dat de waterdruk in de hele stad daalde.

DutchEnglish
waterleidingbuis conduit‐pipe; water‐pipe
buis barrel; box; conduit; doublet; duct; fistula; fuse; jacket; jerkin; kirtle; pipe; tube
waterleiding aqueduct; waterworks; water‐pipe