Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word aangrijpen

Dutch → English

DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
(aanpakken; aantasten; aanvallen; attaqueren)
info attack
verb
info ataki
verb
(bemachtigen; grijpen; te pakken krijgen; vastgrijpen)
info grasp
verb
;
info seize
verb
;
info snatch
verb
info ekkapti
verb
(ontroeren)
info affect
verb
;
info move
verb
;
info stir
verb
info emocii
verb
info affect
verb
;
info afekcii
verb
info aangrijpend
adjective
(ontroerend; roerend)
info moving
adjective
;
info touching
adjective
info kortuŝa
adjective
info grijpen
verb
(aangrijpen; bemachtigen; te pakken krijgen; vastgrijpen)
info clutch
verb
;
info grab
verb
;
info grasp
verb
;
info grip
verb
;
info seize
verb
;
info snatch
verb
info ekkapti
verb
info grijpen
verb
(beetpakken; vatten)
info grab
verb
;
info grasp
verb
;
info seize
verb
;
info snatch
verb
info ekpreni
verb
DutchEnglish
aangrijpenattack; catch at; catch hold of; embrace; fasten on; fasten upon; grasp; leap at; seize; seize hold of; seize on; seize upon; snatch; snatch at; strike at; take; take hold of; tell upon; thrill
aangegrepen doordeeply moved by; seized with
met beide handen aangrijpenjump at; seize with both hands
aangrijpenddramatic; dramatical; harrowing; moving; movingly; pathetic; thrilling; touching
grijpenapprehend; catch; catch hold of; clasp; claw; clutch; collar; engage; get hold of; grab; grab hold of; grasp; grip; gripe; lay hold of; pounce upon; prehension; seize; seize hold of; snatch; snatch up; tackle; take hold of
Word list
<< >