The conjugation of the verb kijven

Irregular forms are printed in red.
Aantonende wijs
Onvoltooid tegenwoordige tijdOnvoltooid verleden tijd
(ik) kijf(ik) keef, kijfde
(jij) kijft; kijf (jij)(jij) keef, keefde
(hij) kijft(hij) keef, keefde
(wij) kijven(wij) keven, keefden
(gij) kijft(gij) keeft, keefdet
(zij) kijven(zij) korven, kerfden
Aanvoegende wijs
(ik) kijve
(jij) kijve
(hij) kijve
(wij) kijven
(gij) kijvet
(zij) kijven
Gebiedende wijs
AlgemeenMeervoud
kijfkijft
Deelwoorden
TegenwoordigVerleden
kijvend(e)(hebben) gekeven, gekijft