Informatie over het woord schim (Nederlands → Esperanto: ombro)

Uitspraak/sxɪm/
Afbrekingschim
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachthistorisch vrouwelijk, tegenwoordig ook manlijk
Meervoudschimmen

Voorbeelden van gebruik

Een schim van angst viel over zijn geest.

Vertalingen

Afrikaansskadu
Albaneeshije
Catalaansombra
Deensskygge
DuitsSchatten
Engelsshade; shadow
Esperantoombro
Faeröersskuggi
Finsvarjo
Fransombre
Hawaiaansmalu
IJslandsskuggi
Italiaansombra
Latijnumbra
Papiamentssombra
Portugeessombra
SaterfriesSchaad; Skaad
Spaanssombra
Sranansombra
Thaisเงา; ร่ม
Tsjechischstín
Westerlauwers Friesskaad
Zweedsskugga