Informatie over het woord fall (Engels → Esperanto: fali)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/fɔːl/
Afbrekingfall
Shaw‐alfabet𐑓𐑷𐑤
Deseret‐alfabet𐑁𐐫𐑊

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) fall(I) fell
(thou) fallest(thou) fellst, fellest
(he) falls, falleth(he) fell
(we) fall(we) fell
(you) fall(you) fell
(they) fall(they) fell
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) fall (I) fell
(thou) fall(thou) fell
(he) fall(he) fell
(we) fall(we) fell
(you) fall(you) fell
(they) fall(they) fell
Gebiedende wijs
fall
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
fallingfallen

Voorbeelden van gebruik

I fell through the bottom of the cart, sir.
The house must have fallen on her.

Vertalingen

Afrikaansafval; val
Catalaanscaure
Deensfalde
Duitsfallen
Engels (Oudengels)feallan
Esperantofali
Faeröersfalla
Finspudota
Franss’abattre
Hongaarsesik
Jiddischפֿאַלן
Latijncadere
Luxemburgsfalen
Maleisjatuh
Nederlandsafvallen; neervallen; vallen
Noorsdette; falle
Papiamentsdal abou; kai
Poolspadać
Portugeescair
Roemeenscădea
Russischпадать
Saterfriesfaale
Schots-Gaelischtuit
Spaanscaer
Srananfadon
Thaisตก
Tsjechischpadat; upadnout
Turksdüşmek
Westerlauwers Friesfalle
Zweedsfalla