Informatie over het woord kaart (Nederlands → Esperanto: mapo)

Uitspraak/kaːrt/
Afbrekingkaart
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachthistorisch vrouwelijk, tegenwoordig ook manlijk
Meervoudkaarten

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
kaartjekaartjes

Voorbeelden van gebruik

Ik wil erover denken, meneer, en de kaarten van deze streek bestuderen.
Pas toen Simons blik op de kaart en het kompas viel, keerde zijn frons terug.
Volgens onze kaart liepen er paden rondom het meer.

Vertalingen

Afrikaanskaart
Catalaansmapa
Deenslandkort
DuitsKarte
Engelsmap
Esperantomapo; geografia karto; landkarto
Faeröerskort; landkort
Finskartta
Franscarte; plan
Hongaarstérkép
Noorsbykart; kart
Papiamentsmapa
Portugeesmapa
Russischкарта
SaterfriesKoarte
Spaansmapa; plano
Thaisแผนที่
Welsmap
Westerlauwers Frieskaart; lânkaart
Zweedskarta; landkarta