Informatie over het woord geschil (Nederlands → Esperanto: malpaco)

Uitspraak/ɣəˈsxɪl/
Afbrekingge·schil
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig
Meervoudgeschillen

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
geschilletjegeschilletjes

Vertalingen

Afrikaansargument; rusie
Deensskænderi
DuitsFehde; Hader; Streit; Zank; Zwiespalt; Zwietracht; Zwist
Engelsquarrel
Esperantomalpaco
IJslandsrifrildi
Noorskrangel
SaterfriesFeed; Stried; Twiespalt; Twist