Informatie over het woord spel (Nederlands → Esperanto: ludo)

Uitspraak/spɛl/
Afbrekingspel
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig
Meervoudspellen

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
spelletjespelletjes

Voorbeelden van gebruik

Tim keek vol verlangen naar het spel.

Vertalingen

Afrikaansspelletjie
Albaneeslojë
Catalaansjoc
Deensleg; spil
DuitsAufführung; Spiel
Engelsgame
Engels (Oudengels)plega; gamen
Esperantoludo
Faeröersspæl
Fransjeu
Hongaarsjáték
Italiaansgiuoco
LuxemburgsSpill
Maleispermainan
Noorsspill
Papiamentswega; hungamento; hungamentu
Portugeesjogo
SaterfriesApfierenge; Spil
Spaansjuego
Swahilimchezo
Tsjechischhra
Westerlauwers Friesboartsjen
Zweedslek; spel