Informatie over het woord die (Engels → Esperanto: morti)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/daɪ/
Afbrekingdie
Shaw‐alfabet𐑛𐑲

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) die(I) died
(thou) diest(thou) diedst
(he) dies, dieth(he) died
(we) die(we) died
(you) die(you) died
(they) die(they) died
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) die (I) died
(thou) die(thou) died
(he) die(he) died
(we) die(we) died
(you) die(you) died
(they) die(they) died
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
dyingdied

Voorbeelden van gebruik

Three people were rushed to Hartford Hospital, and one of them later died, a doctor told reporters.
Then you shall die.
The wind had died.
Unfortunately, it’s also dying.

Vertalingen

Afrikaansdoodgaan; sterf
Catalaansmorir
Deens
Duitssterben
Engels (Oudengels)acwelan
Esperantomorti
Faeröersdoyggja
Finskuolla
Fransdécéder; mourir
Italiaansmorire
Jiddischשטאַרבן
Latijnmoriri
Luxemburgsstierwen
Maleismati
Nederlandsdoodgaan; overlijden; sterven
Noors
Papiamentsfayesé; muri
Poolsumierać
Portugeesmorrer
Roemeensmuri
Russischумирать
Saterfriesstierwe
Schots-Gaelischbàsaich
Spaansmorir
Sranandede
Swahili‐fa
Tagalogmamatáy
Thaisตาย
Tsjechischumírat
Turksölmek
Westerlauwers Friesdeagean; stjerre
Zweeds