Informatie over het woord gnoom (Nederlands → Esperanto: gnomo)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɣnom/
Afbrekinggnoom
Geslachtmanlijk
Meervoudgnomen

Vertalingen

Afrikaansaardgees; aardmannetjie; kabouter
DuitsGnom; Erdgeist
Engelsgnome; goblin
Esperantognomo
Fransgnome
Papiamentskabouter
SaterfriesGnom; Oolke
Spaansgnomo
Tsjechischskřítek; trpaslík
Westerlauwers Friesierdmantsje