Informatie over het woord vastzetten (Nederlands → Esperanto: bloki)

Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) zet vast(ik) zette vast
(jij) zet vast(jij) zette vast
(hij) zet vast(hij) zette vast
(wij) zetten vast(wij) zetten vast
(gij) zet vast(gij) zettet vast
(zij) zetten vast(zij) zetten vast
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) vastzette(dat ik) vastzette
(dat jij) vastzette(dat jij) vastzette
(dat hij) vastzette(dat hij) vastzette
(dat wij) vastzetten(dat wij) vastzetten
(dat gij) vastzettet(dat gij) vastzettet
(dat zij) vastzetten(dat zij) vastzetten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
zet vastzet vast
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
vastzettend, vastzettende(hebben) vastgezet

Vertalingen

Duitsblockieren
Engelsbar; block; corner; freeze
Esperantobloki
Fransse mettre en travers
Italiaansbloccare
Portugeesbloquear; cercar com blocos
Saterfriesblokkierje
Spaansbloquear
Tsjechischblokovat; zablokovat
Turksabluka etmek
Zweedsblockera