Informatie over het woord post (Nederlands → Esperanto: fosto)

Uitspraak/pɔst/
Afbrekingpost
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk
Meervoudposten

Voorbeelden van gebruik

Daarop knoopte ze de lakens en dekens aan elkaar en bond één uiteinde aan een post van haar bed, zoals ze dat op de kostschool geleerd had.

Vertalingen

Afrikaanspaal
Catalaansmuntant; pal
DuitsMast; Pfahl; Pfeiler; Pfosten; Stange
Engelspost
Esperantofosto
Faeröerssteyri; stólpi
Franspieu; poteau
Latijnpalus; vacerra
Papiamentspalo; palu
Portugeesestaca; mourão; poste
SaterfriesPieler; Post; Posten; Stonner
Spaansmontante; poste
Srananpostu
Swahilimti
Tsjechischsloup
Westerlauwers Friespeal
Zweedspåle; stör