Informatie over het woord vertrek (Nederlands → Esperanto: foriro)

Uitspraak/vərˈtrɛk/
Afbrekingver·trek
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig

Voorbeelden van gebruik

Op de derde dag na hun vertrek uit Breeg verlieten zij het Boogbos.

Vertalingen

Afrikaansvertrek
Deensafgang
DuitsAbgang; Abzug; Heimgang; Hinscheiden; Weggang; Weggehen
Engelsdeparture
Esperantoforiro
Fransdépart; disparition
Italiaanspartenza
Noorsavgang; avreise
Portugeespartida
Roemeensplecare
SaterfriesOugong; Ouraise; Outoach
Thaisขาออก