Informatie over het woord ziekenverpleger (Nederlands → Esperanto: flegisto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈzikə(n)vərpleɣər/
Afbrekingzie·ken·ver·ple·ger

Voorbeelden van gebruik

Met een enkele beweging stuurde hij iedereen de kamer uit, zodat ook Tom Poes door de ziekenverplegers meegevoerd werd en heer Bommel met de geleerde alleen bleef.

Vertalingen

Afrikaansverpleër
Albaneesinfermier
DuitsPfleger
Engelsnurse
Esperantoflegisto
Fransinfirmier
Zweedssjukvårdare; vårdare